Woordenlijst

Elke afkorting en elk technisch woord uit de lessen, uitgelegd voor wie nog nooit een radio gebruikte. Klik in de lessen op een onderstreept woord om de uitleg te zien.

2 m en 70 cm
Banden voor radioamateurs, genoemd naar de lengte van hun radiogolven: 2 m is 144–146 MHz, 70 cm is 430–440 MHz. Het meeste lokale amateurverkeer in FM gebeurt hier. Les 11
Aanroepkanaal
Een afgesproken frequentie waar mensen roepen om een gesprek te beginnen, om daarna naar een andere frequentie te gaan. Een ontmoetingsplek op de radio. Les 11
Afstemstap
Hoe ver de frequentie verschuift met één klik aan de knop, bijvoorbeeld 12,5 kHz. Zet ze op de afstand tussen kanalen, zodat elke klik precies op het volgende uitkomt. Les 4
Alkalinebatterijen
Gewone wegwerpbatterijen. Ze werken in de IC-R5, maar je mag ze nooit opladen. Les 2
AM (amplitudemodulatie)
Het geluid verandert de sterkte van de radiogolf. Gebruikt voor middengolf- en kortegolfomroep en voor de luchtvaart. Les 6
Analoog
De klassieke manier om geluid via radio te versturen, waarbij de golf het geluid rechtstreeks volgt (AM en FM). Het tegenovergestelde van digitaal, dat geluid als getallen verstuurt. Les 7
Antenne
Het onderdeel dat radiogolven uit de lucht opvangt. Een betere of hogere antenne maakt meestal meer verschil dan wat ook. Les 12
ARISS
Amateur Radio on the International Space Station: het programma waarmee leerlingen via de radio met astronauten praten. Les 11
Band
Een reeks frequenties die voor één soort radio wordt gebruikt, zoals de FM-omroepband van 87,5 tot 108 MHz. De BAND-toets springt van de ene band naar de volgende. Les 4
BIPT
Het Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie, de Belgische telecomregulator. Het bepaalt hoe radio in België gebruikt mag worden. Les 7
BNC-aansluiting
Een grotere antenneaansluiting die vastklikt met duwen en draaien. Ze past niet rechtstreeks op de IC-R5; je hebt een AD-92SMA-adapter nodig. Les 12
CB (citizens band)
40 vergunningsvrije kanalen rond 27 MHz, gebruikt door vrachtwagenchauffeurs en hobbyisten om te babbelen. Vrij te beluisteren. Les 10
CTCSS, privacycodes
Een toon die te laag is om te horen en die met een uitzending wordt meegestuurd, zodat alleen toestellen met dezelfde toon hun luidspreker openzetten. Ondanks de naam maakt het niets privé: andere toestellen horen nog alles. Les 10
DAB+ (digitale radio)
Digitale radio-omroep. De IC-R5 kan die niet decoderen; hij hoort alleen een ruw gezoem. Les 7
DMR (digitale mobiele radio)
Een digitaal radiosysteem dat bedrijven en sommige radioamateurs gebruiken. De IC-R5 kan het niet decoderen. Les 7
Dopplereffect
De verandering van frequentie als een zender naar je toe of van je weg beweegt, zoals de toonhoogte van een voorbijrijdende ambulance. Het snelle ISS verschuift enkele kHz. Les 11
Duplex
Twee verschillende frequenties gebruiken, één om te zenden en één om te ontvangen, zoals relais doen. Het verschil ertussen heet de offset: 600 kHz op 2 m. Les 11
Ferrietantenne
Een kleine antenne in de radio: een draadspoel op een staafje ferriet. Ze werkt goed voor middengolf en is richtinggevoelig, dus de radio draaien verandert de ontvangst. Les 12
FM (frequentiemodulatie)
Het geluid laat de frequentie een beetje wiebelen. Op de IC-R5 betekent "FM" smal FM: walkietalkies, radioamateurs en CB. "FM-radio" in het dagelijks leven bedoelt de omroepzenders, en die gebruiken WFM. Les 6
Frequentie
Waar op de schaal een signaal zit. Elke zender zendt op zijn eigen frequentie, een beetje zoals een huisnummer; stem de radio af op dat nummer en je hoort hem. Frequenties tel je in hertz: MHz of kHz. Les 4
Geheugenkanaal
Een opgeslagen frequentie, met haar modus, die je meteen terugvindt, zoals een voorkeuzetoets op een autoradio. De IC-R5 heeft er 1000. Les 8
HF, kortegolf
Frequenties van ongeveer 3 tot 30 MHz. Kortegolfsignalen kaatsen terug op de hoge atmosfeer en kunnen duizenden kilometers ver komen, vooral 's avonds. Les 12
Instelmodus
Het instellingenmenu van de IC-R5. Houd TS een seconde in om het te openen. Les 13
ISS (internationaal ruimtestation)
Het bemande ruimtestation dat op ongeveer 400 km hoogte rond de aarde draait, eens per 90 minuten. Het heeft een amateurradiostation aan boord. Les 11
kHz (kilohertz)
Duizend trillingen per seconde, een duizendste van een MHz. Kleine afstanden op de schaal, zoals de 12,5 kHz tussen twee kanalen, worden in kHz gegeven. Les 4
LCD (lcd-scherm)
Het kleine scherm van de radio, met de frequentie, de modus en statusiconen. Les 1
MHz (megahertz)
Een eenheid van frequentie: een miljoen trillingen per seconde. Radiofrequenties worden meestal in MHz gegeven, zoals 100,6 MHz voor een radiozender. Les 4
Middengolf
De AM-omroepband, 531 tot 1602 kHz in Europa. De Belgische zenders zijn verdwenen, maar 's nachts hoor je zenders van ver. Les 12
Modulatie
Hoe geluid op een radiogolf wordt gezet zodat het kan reizen. AM en FM zijn de twee soorten die de IC-R5 begrijpt. Les 6
Monitor
De squelch even openzetten (SQL inhouden) om zwakke signalen te horen of te controleren of een frequentie echt stil is. Les 3
NiCd-batterijen
Nikkel-cadmium: een ouder soort herlaadbare batterij die de IC-R5 ook kan opladen. Les 2
NiMH-batterijen
Nikkel-metaalhydride: de gewone herlaadbare AA-batterij. De beste keuze voor de IC-R5, die ze zelf kan opladen. Les 2
Omroep
Radio die voor iedereen bedoeld is, zoals muziek- en nieuwszenders. Altijd vrij te beluisteren. Les 7
Ontvanger
Een toestel dat radiosignalen opvangt en er geluid van maakt. De IC-R5 is alleen een ontvanger: hij kan niets uitzenden, dus je kunt er niemand mee storen.
Ontvangstmodus
De manier waarop het geluid op de radiogolf zit: AM, FM of WFM. De radio moet dezelfde modus gebruiken als de zender, anders klinkt het vervormd of bijna stil. Les 6
PMR446
Vergunningsvrije walkietalkies op 16 kanalen rond 446 MHz, het soort dat je in een speelgoed- of buitensportwinkel koopt. PMR staat voor private mobile radio. Vrij te beluisteren. Les 10
Prioriteitsbewaking
Controleert om de 5 seconden één opgeslagen kanaal terwijl je elders luistert, zodat je het niet mist. Les 13
Radioamateur
Een hobbyist met een zendvergunning die met anderen in de buurt en over de hele wereld praat, vaak met zelfgebouwde apparatuur. Iedereen mag naar hen luisteren. Les 11
Relais (repeater)
Een automatisch station op een heuvel of toren dat een signaal opvangt en opnieuw uitzendt op een andere frequentie, zodat kleine handradio's veel verder reiken. Les 11
Scanner, scannen
Scannen betekent dat de radio zelf langs frequenties of opgeslagen kanalen loopt en stopt zodra hij iets hoort. Een ontvanger die dat kan, heet vaak een scanner. Les 9
Signaalbalkjes (S-meter)
De balkjes onderaan het display tonen hoe sterk het signaal is dat je ontvangt. Meer balkjes, sterker signaal. Les 5
SMA-aansluiting
Een kleine schroefaansluiting voor antennes (SubMiniature versie A). De antenne van de IC-R5 schroef je op de SMA-aansluiting bovenaan, en elke andere antenne met een SMA-stekker past ook. Les 1
Snelle afstemstap (D SEL)
De grootte van de grote sprongen als je aan de knop draait terwijl je FUNC inhoudt: 100 kHz, 1 MHz (standaard) of 10 MHz. Les 13
Squelch
Een poort die de luidspreker stil houdt zolang niemand uitzendt. Zonder squelch hoor je voortdurend gesis; ze gaat vanzelf open als er een signaal binnenkomt. Les 3
SSB (enkelzijband)
Een smalle vorm van AM die radioamateurs en kortegolfstations gebruiken. De IC-R5 kan ze niet goed ontvangen: het klinkt als een onverstaanbare eendenstem.
SSTV (slow-scan-televisie)
Beelden die als geluid over de radio worden verstuurd. Het ISS zendt soms SSTV-beelden uit; een gratis app op je telefoon maakt van het geluid weer een beeld. Les 11
TETRA, ASTRID
TETRA is een digitaal radiosysteem voor hulpdiensten. ASTRID is het Belgische TETRA-netwerk voor politie, brandweer en ambulances. Het is versleuteld en meeluisteren mag niet. Les 7
UBA
De nationale vereniging van Belgische radioamateurs (Koninklijke Unie van de Belgische Zendamateurs). Ze houdt de officiële lijst van Belgische relais bij. Les 11
UHF (ultrahoge frequentie)
Radiogolven van 300 tot 3000 MHz. PMR446-walkietalkies, radioamateurs op 70 cm en digitale tv zitten op UHF.
Versleuteld
Gecodeerd met een geheime sleutel, zodat alleen toestellen met toestemming het begrijpen. Les 7
Verzwakker (ATT)
Een schakelaar die alle binnenkomende signalen zwakker maakt. Handig vlak bij een heel sterke zender die de ontvanger anders overstuurt, waardoor zenders opduiken waar ze niet horen. Les 12
VFO (variabele frequentieoscillator)
De gewone modus, waarin je vrij afstemt met de knop. De andere modus is de geheugenmodus, waarin de knop langs je opgeslagen kanalen gaat. Les 8
VHF (zeer hoge frequentie)
Radiogolven van 30 tot 300 MHz. FM-radiozenders, radioamateurs op 2 m, luchtvaart en maritieme radio zitten allemaal op VHF.
WFM (breed FM)
De brede versie van FM die FM-radiozenders tussen 87,5 en 108 MHz gebruiken. Het klinkt beter, maar elke zender neemt meer plaats in op de schaal. Les 6
Zender
Het toestel dat een radiosignaal uitzendt, van een grote omroepmast tot een kleine walkietalkie. "Zender" betekent ook gewoon radiostation.

De toetscombinaties volgen de handleiding van de Icom IC-R5. De luisterregels volgen het standpunt van het BIPT over scanners. De FM-frequenties zijn de gepubliceerde lijst van VRT. Al het andere in de simulator is een oefensignaal.

Een onafhankelijk leerproject, niet verbonden aan Icom Inc. Icom en IC-R5 zijn handelsmerken van Icom Inc. GitHub